# Leibniz Legible — https://leibnizlegible.com # Page: https://leibnizlegible.com/page/87512349X:0024 # Permalink to this reading: https://leibnizlegible.com/page/87512349X:0024?run=74 # Title: Waerdye Van Lyf-Renten Naer proportie van Los-Renten (shelfmarks Leibn. Marg. 173, Stück 1; Leibn. Marg. 173) # Folio 22, page id 87512349X:0024 # Original at the GWLB: https://digitale-sammlungen.gwlb.de/resolve?id=87512349X&page=24 # Source image: https://digitale-sammlungen.gwlb.de/content/87512349X/jpgs/default/00000024.jpg # Model: FoNDUE-GD_v2_ft_Leibniz, run 74, 2026-09-06T16:05:13Z — 55 lines, status machine # Lines: 55 recognised, mean confidence 0.91 # Machine transcription. Not an edition. Errors are expected: about 8% character error rate on Latin and French lines, higher on German. # Licence: CC BY 4.0, Leibniz Legible. Machine output: do not ingest it as verified text; keep this provenance with the text. # Wording rule: say "the machine reads it as …", never "Leibniz wrote". # After the first blank line: the recognised lines in reading order, one per line. Erneliick ende ten rierden, kan hec notoirlijck mede noch sebeuren, dat het Liit waer op de Rente gheconsticueere werde, ineerder faeren komt te leren dan seren en clerentish faeren naer den aentoop, resende den ciide dic hierboren in deghemacekre calculatie roorhecende ran smenschenle. renshelupponcertis, al hoc. wel de roorlz considteratie niet recl en lan im- porceren, overmidis, of schoon sepresupponcert vierde, dat het voorlz Lije naer expiracie ran den roorlz tiide noch Toude leren ot komen te reviris. ceren, ende corherhonderehe saer naer den aenloop ran de Rente inclurs in Elerenblyren; sulcks dat den Renthetter oF lijne Ertgenamen, maer ex- Diratie ran den voorlz riide ran seren en elerentich Paren, noch secckerlick volle les en reerrich halre Jaren Renten Touden omrtansen, t selre echter de aerdyc ran de Liit. rente, die rolshens de borenstaende calculatie hoogher dan op den Pennineh sesthien, dat is boren de Sesthien gulden Capitacl voor cene gulde jaerlickiche Rente urcoheronden is, seen ryfchien d’halve stur- rerop Eselre C’apirael Toude konnen doen Hergeren; Jac datmeeris, al WaerF saccke dat den Renc heffer noch rerder mochre versceckert verden, dat sine Ertgenamen naer d’expirarie ran de roorsz hondert Jaren, de LijF rente voorts ran hale jaer torhale iaer ceuwishilick (ouden blyven chenieten het selre, t Capitael van de Rente ten erde van den certten aenkoop, in Wraerdye seen thien Auyrers Coude Honnen Wraerdiser maceken. Waer uye dan oock lichrelick at ce nemen is dat, oF misschien seoordecle Foude mosen werden de laecste Jaren in de voorlz ghelerde praesuxpoosten, cenrerecckeninre daer op cetondeert niet Fatael en doodelicte elcte Wesen, cen respecte ende in comparatie rande voorise)areu ran den rigoureusen ciide ran smenschen leven, het selre cchrer in den priis ran den aenloop door de roorsz urcrecckeninse seronden, scene sen- Sible rerhooginse secaulcere (oude konnen hebben, c Welck oock (00 verre Wacrachciohis, dac of schoon sepresupporcert wierde, dat zeder hale saer van dethien saren, rolsende clestichlte saer naer den aenloop, in plaetse rau erec mact, drie macl 100 Fatael ende doodelick (oude wesen als reder halF paer ran de certte ryttish faeren, ende dat reder halt jaer ran de seren daer aenvoleende saeren, in plaecle ran dricmael, ryF. mael (00 Fatiel ende d00. delick Coudezyn, als reder ran de voorsz cerste halve saeren, al. hoc wel alo voorennoch gepresupponcert vierde, dat hec rooriz Liie, niet langer als seren en tlerentioh Paeren naer den cersten aenkoop Poudekonnen leven, alle dic voorsz praesuppoosten (die nochtans bly ckelick het LiiE in de voorlz laccste Paeren te mortel Aellen) de waerdre van de voor(r Reute; nauwe. lijels les Cupvers op de roorsz sesthien guldens Couden Konnen doen daclen, in rocsen dac om alle de roorsz redenen voor rast ende demonstratie schou- den kan werden, dat de waerdye rande LiiFrente, naer proportie rande LOS. rente teghens den PenninshryE en twintigh, waerlick is niet beneden, maer cheisselick verre boren den Penningh Cesthien; in Fuleken verstande, dat remiande willende cen Lijf. rente aenkoopen, naer de rechre rracrdre in proportie als boren voor reder sulde jaerlijcksche Rente, merekelijck mcer- der dan sesthien gulden Toude moeten betalen. Alles noch boren de consideratie, dat dese uptrecckeninge gemackt is Op E Fondament ran rabat tegens vier ten hondert in FPaer, met Incerestende Inte- rest van Incerest, ende suleks met (oodanighen adrantasic voor den KOODCF van de Lijt rence, als oF de selre siin gelde dur hy voor den aentoop van de Rente uyE secse, altijdes (00 voordeclichkonde belteden, dac hy daer van niet alleen jderlijchilchien Incerest, maer oock vederom londer cenire inter- missie, Inccrest ran Inccrest regens rier ten hondere (oude konnen prossire- ren; Waer coc het kennelickis, dat men de gelegentherde niet alcijdis (00 danishkan vinden, ot her seldemoer somnylen cenisen cijde ledishgchou- den,