Search the Nachlass

Leibniz-Handschriften zur Technica LH 38, fol. 151r

Machine transcription. Not an edition. Errors are expected: about 8% character error rate on Latin and French lines, higher on German. Mean line confidence on this page: 0.93.

Original at the GWLB · Page image · Annotations (IIIF) · Download text

One image of two folio pages side by side, registered by the library under both labels (also fol. 153v); this page is its right half.

The machine reads it as

  1. Afbeeldinus der Geoctroy eerdo Slangabrand spuyten
  2. vertoonende deszelfs gestalte en manier van gebruik. NieuWdelys
  3. uitgevonden i practycq gebracht en naar aalle geleegentheede
  4. van plaats en waatera bequa amelyk geschikt door Jan van
  5. de Y Heide en jau van der Heide de Jonge, Geneule Brand-
  6. me esters der stadt Amsterdam
  7. De NieuW- ge inventeerde Slangbrands puyten
  8. hier boven met A afgebeeldt, Z in dienstiu en begreaam
  9. om het Water met een gedurige dithestraal te brengen in hel
  10. hevigste vanden Brandt, en de Zelve onfeitbaar en spoediquit
  11. te blussen; hoedanius en waar dee ontstaat: + Zy in naauve
  12. struaten steegen, agterhuyzen, of in groote hoogten en andere
  13. ongenaat
  14. bare plaatzen; Zonder eerrge muuren, vanden
  15. ogevels omver tehallen, os telaten deurbranden on loc ganes
  16. Aotden Brand te Kris gen: vermids daar meede het water voord
  17. gedreven en geleya doar een lange en buygelis ke buys, om
  18. hare gedaante, JLAH G, genaant, die menkan verlangen
  19. naar eys en vel gevallen: en leyden Zowel Rrom, als regt
  20. dloor deuren, vensters, glazen, gaten in muren of daken
  21. tussen, door, en overhuyzen. Kerten en toren, al waar den
  22. Brand Zou mogen Wezen, verdende des Zells Spuyt qypgebra
  23. tot dege by het vuur; alvaar onder t gestadiu spuyten olen
  24. Brand tot de laaste vonk toc wort vervolgnt en uyl gebluot.
  25. Geliydbys E en Fisaangeoeezen.
  26. WVelk blassen Zeer vaardigus kan begonnen en ligteliis.
  27. onder houden orden; als konnende deze spuyten door e agpersonen
  28. Zonder paarden, by den Brande gebraot aloor 15 à 1b manmenbear
  29. beyd, en door 10alz mannen met water gevuld worden; die doon
  30. middel van de Plang- Pomp X en flang C de Brand. spuyt
  31. (Schoon ver van t Water staande.) geduriq met overoloed
  32. van water Konnen voorzien. o vel daar geheel qeen water grasten
  33. maar alleen Fonteynen, Pompens Putten, of dirge lis he fuyn,
  34. met ceurge andere geringe midolelen aaar nevens le gebruyhen
  35. als by Dmordaangeveez en.
  36. En Ronnen meede Zeer gemakRelisk in Schuiten worden
  37. Destelt, om tot beuoaring oer Scheepen in Waalen en Haavens
  38. gebruy set teuorden. Gelisseze ook verr bequaam Jin o
  39. op Oorloys ofandere cheepen, Z0om ontstaane brand
  40. teblussez alsvell’ inzonderheit meede om de Zeilen te nallen
  41. en poediger voort gang temacken, en 0ok om ongeleus entheud
  42. van grottelekehen twaterait te pompen, gebrueht te vorden.

Cite

Leibniz-Handschriften zur Technica LH 38, fol. 151r. Machine transcription, not an edition: Leibniz Legible (model FoNDUE-GD_v2_ft_Leibniz, run 74). https://leibnizlegible.com/page/00068537:0301?run=74